AMSTERDAM - Rond 13:00 uur verzamelt zich bij de ingang van De Nieuwe Ooster een groep van zo'n twintig bomenliefhebbers. Elke eerste zondag van de maand vertrekt hier de vaste arboretumwandeling. De februarieditie voelt als een voorproefje van de lente. Knoppen zwellen op en katjes bloeien al bij de entree, staat te lezen op oost-online.
Gids Sabine, inrichter openbare ruimte bij de gemeente Amsterdam, heet iedereen welkom. De route begint bij de zilveresdoorn: een statig groeiende boom. Even verderop staat de amberboom, geliefd om zijn herfstkleuren en nu herkenbaar aan de stekelige vruchten die nog steeds in de boom hangen. 'Deze soort past goed in het stedelijk klimaat en verdraagt hitte goed', vertelt Sabine.
Heesters en wintergroen langs de graven
Reigers vliegen over met takken in de snavel; het broedseizoen dient zich aan. De vleesbes bloeit al en verspreidt een honingzoete geur. Deze heester leent zich goed voor hagen en bodembedekking. Ook de sneeuwbal trekt aandacht door wintergroen blad en geurende bloei.
Mahonia's laten zien dat de winter op De Nieuwe Ooster veel groen biedt, met leerachtige bladeren en gele bloemtrossen die al eerder bloeiden deze winter. 'Bij de aanleg van de begraafplaats is er
veel zand opgebracht omdat de Watergraafsmeer een polder is', vertelt de gids. Door de zandige bodem groeien zomereiken hier goed; knoppen aan de takuiteinden verraden het naderende voorjaar. In de grafvakken verschijnen diverse treurbomen met elk een eigen silhouet.
Bomen in de stad: ruimte, verkoeling en samenleven
Bij een gewone esdoorn klimt klimop omhoog. Op deze plek maar ook in de stad vangt de plant fijnstof af. Een jonge hopbeuk staat nog tussen steunpalen; de boom lijkt op de haagbeuk, maar valt op door hopbelachtige bloemen.
Vijf grote beuken staan verderop dicht bij elkaar in Engelse landschapsstijl. Sabine vertelt over de schaarse ruimte in de stad, waar kabels en leidingen vaak de groei beperken. Toch blijven bomen essentieel voor verkoeling. De zilverlinde toont dat met bladeren die bij hitte omdraaien en zo zonlicht reflecteren en verdamping beperken. Langs het pad staan ook een treurbeuk en een treurlinde naast elkaar.
Bloei, herdenking en het slot van de wandeling
Een bloeiende toverhazelaar houdt de groep even vast. Gele, spinvormige bloemen geuren zacht; foto's volgen. Tussen de graven bloeien sneeuwklokjes. De route voert langs de gewone plataan met zijn afschilferende schors, bekend uit straten als de Sarphatistraat.
Bij het Buchenwaldmonument staat de groep stil. Het witte gedenkteken herdenkt slachtoffers van de nazi-terreur; vlakbij staat een beuk, een verwijzing naar 'Buche' (beuk in het Duits). Via de dakpanneik gaat het naar de boomhazelaar, waar katjes stuifmeel verspreiden en piepkleine vrouwelijke bloemetjes zichtbaar zijn.
Een scheef groeiende trompetboom, een kronkelhazelaar en winterkamperfoelie markeren het laatste deel. Vlak voor het einde verschijnt een magnolia, ook wel beverboom genoemd, met harige knoppen als aankondiging van het voorjaar. Het blijft droog en zacht: een rustige februaridag, ideaal voor een excursie door het arboretum.

3.3 ℃










































