AMSTERDAM - De Amsterdamse Truus Wijsmuller (1896-1978) redde vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog tienduizend Joodse kinderen. Toch is zij vrij onbekend. Lody van de Kamp schreef onlangs het boek 'Sara, het meisje dat op transport ging' over haar reddingswerk. Daarnaast werkt hij samen met Pamela Sturhoofd en Jessica van Tijn van Special Eyes Productions mee aan een documentaire over haar. Rabbijn Van de Kamp is onder andere lid van het Strategisch Netwerk Polarisatie en Radicalisering in Amsterdam.

Hoe stuitte u op Truus Wijsmuller?
"Wij hadden thuis het boek 'Geen tijd voor tranen' in de kast staan. Dat is de biografie van Truus Wijsmuller. Als kind las ik het. Ik was veertien en woonde in Enschede. Het stond in het buffet in de voorkamer. Die vrouw imponeerde me: Met haar paraplu en haar grote mond. En ze had kinderen gered."

Waarom is zij zo onbekend?
"Haar grote verhaal, dus het redden van die tienduizend kinderen, gaat niet over Nederland. Het waren kinderen uit Duitsland, Oostenrijk, Tsjechië en Polen die alleen door Nederland reisden omdat ze op weg waren naar Engeland. Om daar te mogen wonen. Zelf had ze geen kinderen die het verhaal na kunnen vertellen.

En de derde reden: Zij schrijft dat toen ze op 14 mei een groep kinderen naar IJmuiden bracht, om ze aan boord van de SS Bodegraven te krijgen zodat ze kunnen vluchten, ze daarover na de oorlog een enorme onmacht voelde. Omdat ze toen maar 74 kinderen mee kon nemen terwijl er duizenden mensen op de kade van IJmuiden achter moesten blijven. Ze vond haar 'daden' niet zo bijzonder: Wat zijn nu tienduizend geredde mensen op de zes miljoen vermoorde? Ze was volgens zichzelf in gebreke gebleven. Maar anderen waren ook in gebreke gebleven."

Wie was zij?
"Een dochter uit een liberaal hervormd gezin. Haar vader gaf haar mee: 'Wij moeten doen wat we kunnen doen, wat dat ook is.' Haar ouders hadden na de Eerste Wereldoorlog een paar kinderen uit Oostenrijk in huis opgenomen om aan te sterken. Dus het was niet nieuw voor haar om anderen te helpen."

Wat deed zij voor die joodse kinderen?
"Ze heeft ze gered. Ze heeft zelfs met Eichmann onderhandeld om kinderen vrij te krijgen. Zij reisde constant heen en weer tussen Nazi-Duitsland en Hoek van Holland om die kinderen te redden. Dat deed ze vanaf de Kristallnacht op 9 november 1938 tot het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog op 1 september 1939. Daarna is ze verder gegaan om voor kinderen routes te vinden via Frankrijk, Spanje en Portugal naar Engeland en Palestina.

Bij de Duitsers stond die immigratiepolitiek op het programma. Eichmann bluft tegen haar: 'Je mag er 600 hebben.' En dat deed ze, het lukte haar om ze via Hoek van Holland naar Engeland te krijgen. Als zij het niet had gedaan waren die kinderen vermoord. Er zijn één miljoen joodse kinderen vermoord.

Een daarvan is hierover in Jeruzalem geïnterviewd, Hannah Scheinovitz, 94 jaar, de oudste van vier zussen. Die zijn alle vier door haar gered. We hebben een aantal van die kinderen teruggevonden, in Engeland, Israel, Canada, Zwitserland en de VS."

Waarom deed ze het?
"Ik denk dat zij met haar handelen in dat jaar een vraag beantwoordde waarvan wij dachten dat die niet te beantwoorden was: Wisten wij dat het zo erg zou zijn? Colijn sloot na de Kristallnacht de grenzen onder de noemer dat 'geen land vrij is van de smet van het antisemitisme. Ook Nederland niet.' Dus ging de grens dicht. Had hij geweten hoe erg het was, dan had hij het niet gedaan. Truus zag in Duitsland en Oostenrijk dat ouders in die dreigende oorlogssituatie bereid waren hun kinderen mee te geven aan een wildvreemde vrouw van over de grens. Dus zij wist wat er aan de hand was."

Was het gevaarlijk voor haar?
"Dat weet ik niet. Ze had allerlei contacten met Nazi's, met de Gestapo, ze heeft vast gezeten. Maar dat 'gekke mens' kwam elke keer Duitsland binnen en kon weer weg. Ze had een grote mond. Ook tegen Duitse soldaten."

Wat deed zij in het verzet?
"Zij is doorgegaan met het brengen van kinderen naar de vrije zones in Zuid Europa. Ze heeft in de distributiebonnen gerommeld, onderduikers verzorgd. Dat was zeker gevaarlijk."

Was haar samenwerking met de Duitsers moreel gezien 'glad ijs'?
"Ja, dat was moreel glad ijs. Maar zo heeft zij die kinderen kunnen redden. Zij heeft tienduizend kinderen gered. Was het niet gelukt, terwijl ze wel met de Duitsers had onderhandeld, dan was de perceptie anders geweest."

Wat deed zij na de oorlog?
"Zij was gemeenteraadslid voor de VVD in Amsterdam. En ze was mede oprichter van de Anne Frankstichting. Truus Wijsmuller hield zich bezig met de oorlogspleegkinderen. Ze deed altijd sociaal goed werk."

Was zij de Nederlandse Oskar Schindler?
"Ja. Zonder meer. Zij was de Raoul Wallenberg of Oskar Schindler van Amsterdam. Net als Walter Süskind. Niemand kan daar op afdingen."