SCHIPHOL - Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL) voert op 11 juni 2026 twee veiligheidsmaatregelen door voor vertrekkende vliegtuigen vanaf Schiphol. Door de inzet van steeds modernere vliegtuigen zijn deze nodig om het hoge veiligheidsniveau van het vliegverkeer te blijven waarborgen. Het gaat om het aanpassen van een nachtelijke vertrekroute vanaf de Polderbaan voor vliegverkeer met een zuidelijke bestemming en het nauwkeuriger vliegen van bochten in de vertrekroutes vanaf de Kaagbaan.

Mark van Knippenberg, Chief Operations Officer: “Om het hoge veiligheidsniveau in het Nederlandse luchtruim te waarborgen, monitoren wij continu de veiligheid van onze verkeersafhandeling. Waar nodig nemen we maatregelen om de veiligheid van het vliegverkeer zeker te stellen”.

Moderne vliegtuigen hebben andere eigenschappen en vliegprestaties. “Dit betekent dat wij routes of procedures hierop soms moeten aanpassen. Bij het ontwikkelen van veiligheidsmaatregelen is zo min mogelijk impact voor de omgeving altijd ons uitgangspunt” zegt Maartje van der Helm, General Manager Performance & Development.

LVNL heeft deze veiligheidsmaatregelen voorbereid na intensief overleg met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Ook zijn Schiphol, luchtvaartmaatschappijen, de Inspectie Leefomgeving en Transport en partijen uit de omgeving, waaronder provincies, gemeenten, omgevingsdiensten en bewonersvertegenwoordigers in een participatietraject betrokken.

Aanpassing nachtelijke vertrekroute Polderbaan
De eerste veiligheidsmaatregel betreft het gebruik van een andere bestaande vertrekroute in de nacht (23:00 – 06:00 uur) door vliegtuigen die opstijgen vanaf de Polderbaan met een zuidelijke bestemming. Dit zorgt ervoor dat het risico dat vliegtuigen te dicht bij elkaar in de buurt kunnen komen in een bocht op de huidige route bij Zaanstad, niet meer kan ontstaan. Vanaf 11 juni maken deze vliegtuigen gebruik van een bestaande vertrekroute waarbij deze na het opstijgen van de Polderbaan, ter hoogte van Limmen/Castricum een bocht naar links draaien. Daarna vervolgen de toestellen een nieuwe route over zee in zuidelijke richting en komen weer boven land op grote hoogte van 6 à 7 kilometer, in de buurt van Noordwijk. Het betreft ongeveer 600 vluchten per jaar (2 tot 6 vluchten per nacht in het geval dat de Polderbaan in gebruik is als startbaan). Door deze wijziging vliegen er in de nacht minder vliegtuigen over de regio Zaanstad/Amsterdam en meer vliegtuigen over de regio Castricum/Heiloo.

Bij het ontwikkelen van veiligheidsmaatregelen is zo min mogelijk impact voor de omgeving altijd ons uitgangspunt'' - Maartje van der Helm, General Manager Performance & Development

Nauwkeuriger vliegen bochten vertrekroutes Kaagbaan
De tweede veiligheidsmaatregel betreft de vertrekroutes vanaf de Kaagbaan. Hier zijn twee opties voor vliegtuigen die richting het westen afbuigen bij Hoofddorp en Nieuw-Vennep en richting het oosten vliegen bij Kudelstaart en Rijsenhout. Een optie is een route met een vaste bochtstraal die met behulp van nauwkeurige systemen in de cockpit altijd op dezelfde manier wordt gevlogen. Een andere optie is er één zonder een vaste bochtstraal, waarbij de uitvoering afhankelijk is van de weersomstandigheden en het soort vliegtuig. Het risico bestaat dat een vliegtuig dat de vertrekroute vliegt met vaste bochtstraal te dicht in de buurt kan komen van een toestel dat de optie zonder vaste bochtstraal vliegt dat daaraan voorafgaand is opgestegen. Vanaf 11 juni 2026 geven luchtverkeersleiders de piloten opdracht om altijd de route met een vaste bochtstraal te vliegen. Als een vliegtuig hiervoor niet de juist apparatuur heeft, moet de piloot dit voor de start melden, zodat de luchtverkeersleiding hierop kan anticiperen. De veiligheidsmaatregel zorgt niet voor een wijziging in bestaande routes en het aantal vliegtuigen dat vertrekt vanaf de Kaagbaan. Wel zal er meer vliegverkeer de optie met vaste bochtstraal vliegen, wat lokaal zorgt voor verschuiving van geluid.


Impact omgeving
LVNL realiseert zich dat deze veiligheidsmaatregelen leiden tot een verplaatsing van vliegverkeer en daarmee voor inwoners in een aantal woonkernen tot minder en in andere tot meer geluidshinder kan leiden. Enkele gemeenten hebben bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat bezwaar gemaakt tegen het gevolgde participatietraject en het besluit om de nachtelijke vertrekroute van de Polderbaan aan te passen vanwege de verwachte extra geluidshinder in deze gemeenten.

LVNL evalueert het participatietraject en het gebruik van de route, inclusief de gerealiseerde geluidseffecten, na drie jaar. LVNL blijft zich samen met Schiphol en met steun van luchtvaartmaatschappijen inspannen om geluidshinder van vliegverkeer in de omgeving van Schiphol te reduceren. Meer informatie hierover is beschikbaar op onze website minderhinderschiphol.nl.