AMSTERDAM - De bevolking van de stad groeit ongekend hard. Daardoor is er meer verkeer. Bovendien fietsen er meer Amsterdammers dan ooit, waardoor het op de fietsroutes vaak krankzinnig druk is. Vooral op drukke kruisingen is het moeilijk om overzicht te houden. Maarten Nulle, verkeersdeskundige van de gemeente, legt de inrichting en het gebruik van vier moeilijke kruisingen uit. Inzicht in de inrichting kan helpen bij verantwoordelijk weggebruik.

Voordat we op pad gaan spreken we Geert van Ham. Hij is onder meer voorzitter van de werkgroep die gaat over de gevaarlijkste plekken in de stad, de zogenaamde 'blackspots'. Daarvan zijn er de afgelopen jaren minder gekomen. Hij benadrukt dat de gemeente veel doet om het verkeer veiliger te maken. Met gedetailleerde studies, herinrichtingen van straten en vele maatregelen wordt het verkeer veiliger. Maar ondertussen is het domweg erg druk en zijn er ook roekeloze weggebruikers.

Verkeershandhaving

Van Ham: "Vooral voor zwakkere weggebruikers zoals ouderen, gehandicapten en kinderen is het verkeer moeilijk." Hij begon dertig jaar geleden bij de verkeerspolitie: "Een agent schreef tot de jaren '90 per week een bonnenboekje vol. Verkeersovertredingen werden beboet. Maar Justitie kon al die boetes niet verwerken en de politie kreeg de opdracht te stoppen met bonnen schrijven. Tegenwoordig is de verwerkingscapaciteit bij Justitie geen probleem meer. Maar de druk op de politie is erg groot, waardoor men keuzes heeft moeten maken. Er zijn nu wel verkeershandhavers, zogenaamde Buitengewoon Opsporingsambtenaren. Zij hebben echter minder bevoegdheden dan een politieambtenaar, waardoor ze niet voor alle verkeersovertredingen een boete kunnen uitschrijven."

Op pad met de verkeerskundige

Het plan is om een paar ingewikkelde verkeersituaties goed te bekijken en de inrichting toe te lichten. Maarten Nulle doet de rondleiding. Het weer is koud en helder. Op deze middag, buiten de spits, is het niet extreem druk. Maar druk genoeg om de kruisingen onoverzichtelijk te maken. Alle mogelijke soorten verkeer nadert elkaar en gaat rakelings langs elkaar heen.

Prins Hendrikkade / Geldersekade

Fietsers komend vanaf de richting van de OBA/Oosterdokskade hebben hier groen licht maar moeten aan de overkant gekomen vanwege de onverwachte haaientanden stoppen voor fietsers die van links en rechts komen

Maarten Nulle: "De Prins Hendrikkade is een drukke openbaarvervoer- en autocorridor (hoofdweg) en al het verkeer op die straat heeft voorrang. Voorrang is juridisch geregeld." Dit is de reden dat het fietsverkeer vanaf de OBA en Geldersekade moet stoppen voor het verkeer dat over de Prins Hendrikkade gaat.

"Er zijn bovendien ook conflicten van het langzame verkeer onderling. De fietsers, snorfietsers en voetgangers hebben namelijk langs de kade geen verkeerslicht, zij hebben voorrang op de overstekende fietsers en snorfietsers. Als de fietsers in het verlengde van de Geldersekade groen licht krijgen moeten ze plotseling stoppen. Dat gaat soms moeilijk. Meestal is de snelheid zo laag dat het allemaal goed afloopt. Om het probleem te verminderen is het fietspad verbreed en verhoogd en verder van de rijbaan gelegd zodat er meer ruimte is. Er zijn markeringen zodat fietsers langzamer rijden en beter opletten."

Prins Hendrikkade / Martelaarsgracht

Verkeer komt hier van alle kanten, overstekende toeristen die voorrang hebben op het zebrapad en fietsers die dat niet begrijpen of negeren. Aan de overzijde voor café Karpershoek is het fietspad onlangs verbreed

In deze omgeving is vooral de kruising van het Damrak en de Prins Hendrikkade voor het Centraal Station een moeilijke, maar Maarten Nulle wil de nieuw ingerichte kruising bij de Martelaarsgracht toelichten.

Nulle: "Bij het Centraal Station is de nieuwe 'langzaam verkeer' tunnel naar het Pontplein gekomen. Daardoor is deze fietsoversteek hier veel drukker geworden; dat zagen we aankomen. Als we het niet aangepast hadden werd het fietspad veel te vol. Aan de Prins Hendrikkade is nu een opstelvak voor auto's weggehaald, daardoor is er meer ruimte voor de fietsers. Het fietspad is breder."

Rijksmuseum / Stadhouderskade

Hetzelfde probleem als bij de Geldersekade: overstekende fietsers moeten aan de overkant gekomen plots kruisend fietsverkeer van beide kanten voorrang geven. Ook komend vanaf het Rijksmuseum staan vlak voor een fietsverkeerlicht onverwacht haaientanden omdat kruisend fietsverkeer van de Stadhouderskade voorrang heeft

Van het Centraal Station - de 'poort' tussen Noord en Centrum - gaat de tocht naar het Rijksmuseum - de 'poort' tussen Centrum en Zuid. Maarten Nulle: "De Stadhouderskade is ook een autocorridor. Je hebt in de stad een aantal grote verkeerswegen nodig om de andere wegen te ontlasten. Doorstroming van het verkeer is nodig, anders gaan mensen andere routes zoeken. Daarom is de Stadhouderskade een voorrangsweg. En dat betekent dat fietsers die met groen licht vanaf de Museumbrug de Stadhouderskade oversteken, toch moeten stoppen voor fietsers die op de Stadhouderskade rijden. Er staan ook haaientanden op de weg, maar dat is niet voor alle fietsers even duidelijk. Dan krijg je conflicten en conflictjes," vertelt Nulle. Overigens geldt dat alleen voor de fietsers en niet voor de auto, waarvoor wel verkeerslichten zijn.

Weesperzijde / Ruyschstraat

Fietsers die vanaf Ceintuurbaan en Weesperzijde elkaar kruisen onderaan de brug moeten goed opletten. Als je te hard aan komt rijden heb je geen goed zicht in de bocht richting Ruysstraat

Verkeerskundige Maarten Nulle overziet de situatie vanaf de Nieuwe Amstelbrug, gebouwd door Berlage in 1902/1903. Hij ligt in het verlengde van de Ceintuurbaan.

Maarten: "Als je de Ruyschstraat wilt oversteken is het lastig in te schatten of je voor de fietsers langs kunt. Dat geldt vooral voor de fietsers vanaf de Weesperzijde. Het verkeer komt van de brug af en gaat dus iets sneller, want naar beneden, en bovendien is er door de bocht weinig zicht. Er rijden auto's in één richting, je hebt tram 3, fietsers, scooters, brommers en voetgangers. Bij de kruising is het conflict. Hier kunnen mensen botsen."

"Een mogelijke oplossing is om de fietsers vanaf de brug rechtsaf naar de Weesperzijde te leiden. Dan kunnen ze niet meer rechtdoor naar de Ruyschstraat. Dat scheelt een verkeersstroom. Het risico is dat fietsers toch over de trambaan gaan waardoor nieuwe gevaarlijke situaties ontstaan. Een verkeerssituatie als deze is ook afhankelijk van het gedrag van de fietsers en automobilisten. Misschien doen we eerst een proef met hekken voordat we echt de weg opnieuw gaan inrichten. Het dilemma is dat je met aanpassingen geen nieuw probleem wil creëren."