AMSTERDAM - Nieuwjaarsspeech van burgemeester Van der Laan, uitgesproken op zondagavond 1 januari 2017 in de Nationale Opera & Ballet Amsterdam.

En een speciaal welkom aan de vertegenwoordigers van alle 180 nationaliteiten die onze stad rijk is. U heeft foto’s van enkelen van hen hier in het stadhuis kunnen zien hangen.

Wij zijn te gast bij onze opera en ons ballet. Weet u dat zij vorig jaar verkozen zijn tot het beste operahuis ter wereld? We hadden in 2015 onze nieuwjaarsreceptie in de Stadsschouwburg. Wist u dat de Toneelgroep Amsterdam onder leiding van Ivo ten Hove vorig jaar door de New York Times geprezen werd als misschien wel het beste toneelgezelschap ter wereld? En voordat we, vanwege de crisis vier keer geen nieuwjaarsreceptie hadden, hielden we die altijd in het Concertgebouw. U weet vast wel dat het Concertgebouworkest al vele jaren tot de beste van de wereld wordt gerekend.

Dames en heren, hoe bevoorrecht zijn we wel niet! Maar dat maakt ons nog geen ‘elite’.

Iedereen had het erover: het Oekraïne-referendum, de Brexit en de verkiezing van Trump. Vaak met de sombere strekking dat de boosheid en het populisme nu echt gaan winnen.

Is het populisme aan het winnen? En, zo ja, wat kunnen en moeten we eraan doen?

Vanavond wil ik het met u hebben over de zwijgende, of beter gezegd de constructieve meerderheid.

In het Oekraïne- en het Brexit-referendum hoorden we niet alleen terechte kritiek op het institutionele Europa. Als dat het was, hadden we maar één – natuurlijk wel groot – probleem: Europa dichter bij de burger zien te brengen.

We hoorden veel meer. De globalisering en digitalisering van de laatste vijfentwintig jaar kennen niet alleen winnaars maar ook verliezers. Zo’n wereldomvattende ontwikkeling is moeilijk of niet te beheersen, en dat maakt velen onzeker. Dat geldt natuurlijk in het bijzonder voor de internationale terreurdreiging.

De Brexit was ook een afrekening van het platteland met Londen. Een goede reden om het begrip Amsterdam Verantwoordelijke hoofdstad, die niet alleen voor zichzelf maar ook voor Nederland moet zorgen, heel serieus te blijven nemen.

Maar het grootste probleem lijkt te zijn dat veel mensen het gevoel hebben dat de politiek hen heeft laten zitten. Is dat niet de echte betekenis van de verkiezing van Trump?

Hoe komt dat? Ook ik weet het niet precies. Maar ik denk aan de volgende oorzaken.

Er is een cliché dat luidt: managers doen de dingen goed, en leiders doen de goede dingen. Politiek is weggedreven van leiderschap naar management. Het gaat steeds minder over waarden, en steeds meer over targets, monitoren, indicatoren.

Als burgers tegen ongewenste consequenties aanlopen, geen woning kunnen vinden, niet de juiste zorg krijgen of hun baan verliezen, en verhaal zoeken bij de politiek, worden ze vaak doorverwezen. Naar de zorginstellingen, de verzekeraars, de scholen, de woningcorporaties, de trein-, tram-, bus- en energiemaatschappijen.

In de discussie raken niet alleen de waarden op de achtergrond, maar ook de feiten.

Politieke partijen waren ooit voertuig van ideeën over de samenleving, maar ze worden steeds meer doel op zich, uit op vergroting van hun marktaandeel, zoals het managers betaamt. Maar dat ondermijnt hun bestaansrecht.

Er wordt dan meer en meer op de man gespeeld. De wederpartij wordt zelfs een tegenpartij.

Niet alleen politieke partijen, ook media leggen zich erop toe tegenstellingen uit te vergroten. Ruzies, falen, schandalen, het wordt er voor de burger niet duidelijker op, en in ieder geval niet positiever.

Alles gaat veel en veel sneller. De waan van de dag wint, maar stelt ook altijd teleur. Peilingen, lijstjes, dagelijkse talkshows en oneliners, de nuance wordt steeds minder interessant, en het wordt steeds meer de discussie óm de discussie.

Filosoof Tamar de Waal maakt een mooie vergelijking van de politiek met de sterrenhemel. Zoals het licht van de sterren vaak al jaren oud is op het moment dat wij het zien, zo is wat er in de samenleving gebeurt vaak het resultaat van ontwikkelingen en beslissingen van jaren geleden. Ons ingrijpen nu zal ook pas over jaren effect hebben.
 
Voor wie dit niet alles niet wil zien, ontstaat een mengsel van onmacht, teleurstelling en ontevredenheid.

Tegelijk zijn onze kinderen de gelukkigsten ter wereld. De helft van hen gaat naar het hoger onderwijs. We verdienen hier nog altijd veel meer dan bijna overal op de wereld. En die verdiensten zijn hier veel eerlijker verdeeld. Er zwemt weer vis in de grachten en onze kinderen weten niet wat zure regen is. Onze rechter is volkomen onafhankelijk. Wij smijten geen journalisten in de gevangenis. We worden jaren gezonder ouder en ga zo maar door.

Er is dus een verschil tussen wat we met ons allen klaarmaken en hoe we erover praten. We maken over het algemeen juist geen zooitje van onze samenleving, maar van het gesprek over onze samenleving.
 
Wat zouden we daaraan kunnen doen?
 
Een voorname reden dat het best goed gaat met onze samenleving als geheel is, dat die voor het overgrote deel bestaat uit eerlijke, redelijke mensen. Die netjes belasting betalen en goed zorgen voor hun kinderen en hun ouders. Die aardig zijn voor hun collega’s en hun buren, en hulpvaardig als dat nodig is. Deze negentig of misschien wel vijfennegentig procent bonafide Nederlanders noemen we wel de zwijgende meerderheid.

Zij ervaren een groot verschil tussen wat ze zélf meemaken in hun dagelijks leven enerzijds en waar politici hen toe oproepen en wat ze in kranten of online lezen anderzijds. Waarschijnlijk begrijpen zij de politieke sterrenhemel beter dan de bedenkers van oneliners of krantenkoppen.
 
Zij kunnen, om voor Amsterdam te spreken, binnen of buiten de ring wonen. Voor of tegen Zwarte Piet of vuurwerk zijn. Het eens of oneens zijn met de komst van migranten of vluchtelingen. Enzovoort. Maar wat hen bindt is dat ze eropuit zijn sámen te leven en bereid zijn om naar elkaar te luisteren.
 
Hoe komt het dat we hen niet horen? Door het grote lawaai van degenen die van de sociale media en internet in ons land soms een riool maken. Hoogstwaarschijnlijk zijn die lawaaimakers maar enkelingen die de indruk willen wekken dat zij een enorme groep representeren. Die met een tweet of facebookreactie een heleboel mensen pijn doen, opjutten of bang maken omdat ze daarmee iets hopen te winnen of omdat ze willen kwetsen. Zij geven het idee dat alleen een radicale keuze, hún keuze natuurlijk, de oplossing is.

Het is waar dat enkelingen schade kunnen aanrichten. Schrijver Koos van Zomeren trekt de vergelijking met een das op een weg. Het is donker, maar de das is goed zichtbaar onder het schijnsel van een lantaarnpaal. Verstard zit hij daar, terwijl de auto’s langs hem rijden. Tientallen of misschien honderden auto’s ontwijken het beestje. Dan komt er één automobilist die daar geen zin in heeft, en de das is dood.
 
Maar impact of niet, het kwaad kan niet of zelfs nooit groter worden als wij ons niet laten verstoren het goede te doen.
 
Het is daarom nu van het hoogste belang die constructieve meerderheid, want dat is een betere term dan de zwijgende meerderheid, te koesteren.

Hoe doen we dat? Om te beginnen door een voorbeeld aan hen te nemen, of beter nog: door te zien dat wij er zelf ook toe behoren. Zie dat je bevoorrecht bent, maar laat je niet aanpraten dat je ‘elite’ bent! Kijk met empathie naar ieders onzekerheden, zorgen en angsten. Erken dat er reële tegenstellingen en problemen zijn die om verbinding en oplossing vragen, en niet om doorverwijzing of managementtargets. Beloof juist minder maar lever méér. Stel met elkaar grenzen en laat schreeuwlelijkerds níét de baas spelen. Bestrijd onverdraagzaamheid zonder zelf onverdraagzaam te worden.
 
Als angst besmettelijk is, dan kan zelfvertrouwen dat ook zijn. Laten wij elkaar aansteken met zelfvertrouwen en op die manier het populisme weerstaan. En laten wij ons uitspreken, op de rustige en genuanceerde manier die de constructieve meerderheid eigen is.

Mijn wens voor 2017? We gaan onze auto stoppen om de das even naar de berm te brengen.

Gelukkig Nieuwjaar en dank u wel voor uw aandacht.