Elk jaar in oktober verdwijnt een groot deel van de Nederlandse campers in de stalling. Het seizoen is voorbij, is het idee, en pas met Pasen gaan de deuren weer open. Daardoor missen veel mensen een van de mooiste maanden om met een camper te reizen. In december zijn campings rustig, kost een plek minder en liggen besneeuwde Alpendalen op één lange rijdag van Amsterdam.
Een roadtrip in december kan dus prima. De betere vraag is of je camper je warm en droog houdt als het buiten vijf graden vriest, en wat je moet weten voordat je vertrekt.
Twee soorten wintertrips
De eerste optie is naar het zuiden rijden. Van Amsterdam naar Innsbruck is het ruim 950 kilometer. De meeste mensen overnachten onderweg ergens in Zuid-Duitsland. Veel campings in Tirol, het Salzburgerland en Zwitserland zijn de hele winter open omdat ze zich op skiërs richten. Reken op verwarmde sanitairgebouwen, droogruimtes voor natte kleding en stroom bij elke plek.
De tweede optie is dicht bij huis blijven. Jaarrondcampings op de Veluwe, in Drenthe of aan de Zeeuwse kust zijn ideaal voor een weekend weg. Onderschat de Nederlandse winter alleen niet. Natte kou van drie graden met een hoge luchtvochtigheid is zwaarder voor een camper dan droge vorst in de Alpen, omdat vocht in een kleine ruimte het echte probleem is.
Verwarming en isolatie bepalen of het lukt
De kachel van de motor heb je niets aan zodra je geparkeerd staat. Voor de winter heb je een standkachel nodig die op de brandstof van het voertuig draait en de hele nacht doorwerkt. In compacte campers is dat meestal een dieselluchtverwarming van ongeveer 2 kW. Dat klinkt bescheiden, maar voor de inhoud van een bus is het ruim voldoende. Hij verbruikt maar een fractie van een liter diesel per uur.
Een kachel is echter maar de helft van het verhaal. Zonder goede isolatie stook je voor de buitenlucht. De Westfalia Kipling, gebouwd op de Ford Transit Custom, is daar een goed voorbeeld van. De bus heeft een dieselkachel van Eberspächer van ongeveer 2 kW en is rondom geïsoleerd met XHP-isolatiemateriaal: 25 mm in de vloer en 20 mm in het dak en de wanden. Die dikkere vloerisolatie is geen detail. Juist daar komt in de winter de meeste kou vandaan.
Een paar gewoontes helpen elke verwarming beter te werken:
- Laat de kachel op een lage, constante stand draaien.
- Houd de tank minstens een kwart vol. Veel installaties stoppen al met brandstof aanzuigen lang voordat de tank leeg is.
- Controleer na sneeuwval de uitlaat van de kachel. Een geblokkeerde uitlaat legt de kachel stil en kan uitlaatgassen naar binnen duwen.
- Ga je op skigebiedhoogte slapen, vraag dan bij je dealer na of de kachel een hoogtestand heeft.
Slapen onder een hefdak in december
Het bezwaar dat ik het vaakst hoor, gaat over het dak. Bij oudere canvas hefdaken was dat terecht: ze tochtten en waren koud. Moderne hefdaken zijn een ander product.
De Ford Camper van Westfalia, de Nugget met hefdak, is een goed referentiepunt. Het hefdak heeft een balg van meerdere lagen met luchtruimtes ertussen, en een standkachel en warmwaterboiler zijn standaard. Eigenaren op Nugget-fora melden dat ze bij ongeveer vijf graden vorst prima boven slapen met de kachel op een lage stand. Voor koudere trips biedt Westfalia een Isotherm-isolatieset voor het dak aan. En die warmwaterboiler is in de winter meer waard dan je denkt: warm water voor de afwas en je gezicht op een ijzige ochtend maakt een week in de sneeuw een stuk aangenamer.
Onder ongeveer tien graden vorst begint het doek kou af te stralen. Dan passen ervaren wintercampers hun aanpak aan. Ze laten het dak dicht, slapen beneden en laten de kachel een veel kleinere ruimte verwarmen. Een camper met twee aparte slaapplekken geeft je die keuze, en dat is in de winter een echt voordeel.
Condens, water en de kleine dingen
Twee mensen in een afgesloten bus ademen 's nachts verrassend veel vocht uit. Sluit je alles af om de warmte binnen te houden, dan word je wakker met natte ramen en vochtig beddengoed. Laat daarom altijd een dakluik of raam op een kier staan, ook als het vriest. Geïsoleerde raammatten op de cabineramen helpen ook.
Vers water in een verwarmde bus is zelden een probleem. Afvalwatertanks en leidingen onder het voertuig zijn een ander verhaal. Leeg de afvalwatertank dagelijks en laat hem bij strenge vorst niet vol staan.
Tot slot: kou komt van onderen. Een wollen deken of extra topper onder je slaapzak doet meer dan een tweede dekbed erbovenop.
Regels voor de rit naar de Alpen
In Oostenrijk zijn winterbanden verplicht van 1 november tot en met 15 april zodra er winterse omstandigheden zijn. De banden moeten een M+S-markering of het sneeuwvloksymbool hebben en minimaal 4 mm profiel. Sneeuwkettingen zijn verplicht waar blauwe borden dat aangeven. Ook Duitsland verplicht winterbanden bij winterse omstandigheden en accepteert inmiddels alleen banden met het sneeuwvloksymbool. Zwitserland kent geen wettelijke plicht, maar veroorzaak je een ongeluk op zomerbanden, dan ben je wel aansprakelijk. De meeste compacte campers blijven onder de 3,5 ton, dus voor jou gelden de gewone regels voor personenauto's.
Is het de moeite waard?
Wat mij betreft wel. Een goed geïsoleerde bus met een degelijke standkachel maakt van december een van de mooiste reismaanden van het jaar. De wegen zijn rustiger, en na een dag in de sneeuw terugkomen in een warme camper is moeilijk te overtreffen. Bereid je bus goed voor, heb respect voor de kou, en het seizoen hoeft niet in oktober te eindigen.

18.1 ℃































































