AMSTERDAM - Zaterdag 14 januari, heeft Liestbeth List de Frans Banninck Cocqpenning van de stad Amsterdam ontvangen. Zij kreeg de onderscheiding overhandigd door locoburgemeester Eric van der Burg tijdens een voorstelling ‘List in het Concertgebouw’. De voorstelling was ter gelegenheid van de verjaardag van de zangeres, die in december 2016 75 jaar werd.  

Liesbeth List werd geboren op 12 december 1941 in Bandoeng, Indonesië en groeide op bij pleegouders op Vlieland. Als kind hield Liesbeth List zich al bezig met muziek, maar ook  met literatuur en beeldende kunst. Ze kwam naar Amsterdam om te studeren aan de modevakschool en zanglessen te volgen. Later verdiepte zij zich in Franse chansons. In het nachtleven rond het Leidseplein leerde zij Ramses Shaffy kennen. Hij nodigde haar uit met hem te zingen in Shaffy Chantant. Decennialang traden zij samen op in binnen- en buitenland, maar voornamelijk in Amsterdam.

Ook als soloartiest boekte Liesbeth List grote successen. List bleef een trouw ambassadrice van het Nederlandstalige literaire lied. Ze werkte samen met Frank Boeijen en zij speelde langdurig de rol van Edith Piaf in de gelijknamige musical. List zong op vele Amsterdamse podia als het DeLaMar Theater, Het Concertgebouw en Koninklijk Theater Carré en speelde in televisie- en toneelrollen, ontving gouden en platina platen en Edisons. In 2016 kreeg zij de prijs voor het beste Nederlandstalige lied in Nederland en Vlaanderen sinds 1945: ‘Pastorale’,  de klassieker die ze in 1968 opnam met Ramses Shaffy.

Bijzonder is haar initiatief om in Amsterdam een woonzorgcentrum voor oudere kunstenaars te laten bouwen: het Ramses Shaffy Huis. Er zijn extra faciliteiten zoals ateliers, ontmoeting- en expositieruimten, een restaurant en een klein theater. Op die manier kunnen oudere kunstenaars daar samen met de jongere generatie in contact komen. Door zijn open en transparante karakter is het huis ook toegankelijk voor buurtbewoners.

Frans Banninck Cocqpenning 

De Frans Banninck Cocqpenning wordt toegekend aan personen die zich tijdens een periode van tenminste twaalf jaar bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt voor Amsterdam. Het zijn mensen die uit hoofde van hun (betaalde) functie in allerlei comités en stichtingen zitting hebben gehad en op die manier veel voor Amsterdam hebben gedaan en betekend. Voor de penning komen ook mensen in aanmerking die uitzonderlijk grote prestaties voor Amsterdam hebben verricht op sportief, wetenschappelijk, journalistiek, kunstzinnig, politiek, economisch gebied met een landelijke of internationale uitstraling.