AMSTERDAM - Achter soms hoge heggen en verscholen tussen wegen en dijken maar verspreid over de hele stad in tientallen parken: Amsterdam is duizenden volkstuinen rijk. Los van het feit dat er veel verschillende tuinparken zijn, bestaan er ook veel verschillende soorten tuintjes. Van moestuinen waar noest wordt gezaaid, geschoffeld en geoogst tot siertuinen waar vooral wordt ontspannen. De volkstuincomplexen maken onderdeel uit van ons gemeenschappelijke groen en zijn verweven in de structuur én het verhaal van Amsterdam.

Bond van Volkstuinders

Tot en met 10 september is in De Bazel een zomerse tentoonstelling over volkstuinen te bezoeken. De aanleiding van deze expositie van het Stadsarchief is het jubileum van de Bond van Volkstuinders. Op 18 augustus 2017 bestond deze precies 100 jaar. Een eeuw geleden werd deze bond opgericht om het voortbestaan van de gemeentemoestuinen te regelen. De tuintjes op stukken onbebouwde weide of agrarisch land werden door de gemeente aangelegd voor voedselvoorziening en kwamen inclusief begeleiding en les voor tuinders. Zo kon men tot een zo groot mogelijke opbrengst komen in de barre oorlogstijd. Maar toen het in 1917 allemaal weer iets beter ging besloot de overheid dat de moestuinen weg konden. Daar stak de bond, opgericht vanuit de volkstuinders zelf, een stokje voor. Zij pleitte onder andere dat het voortbestaan van de tuinen wenselijk was om arbeiders met natuur in aanraking te brengen. De gemeente ging hierin mee en tot op de dag van vandaag bestaan er volkstuinparken in Amsterdam.

Doorgevoerd groen

Na de Maatschappij tot het Nut van het Algemeen, die bepalend was met zijn doelstelling het welzijn van individu en gemeenschap te bevorderen heeft het stadsbestuur uit de tijd na de Eerste Wereldoorlog een belangrijke rol gespeeld. Het tuinieren paste binnen het plaatje van de liberale en sociaaldemocratische doelstellingen van onder andere wethouder Wibaut. Niet alleen de betaalbare en goede huisvesting van arbeiders was een belangrijke pijler, het bestuur zag het ook als haar taak arbeiders in de gelegenheid te stellen op een betaalbare manier te tuinieren. Dat, samen met de subsidie die het Rijk uittrok om volkstuinen mogelijk te maken, had als groen resultaat de vele volkstuinparken en groene woonwijken. In Amsterdam was dit te zien in de Tuindorpen en Tuinsteden. En nog een schaal hoger, op metropoolniveau, zien we dat Amsterdam een stad is met groene longen die zijn verbonden met het buitengebied. De volkstuinparken die de gemeente sinds 1927 heeft aangelegd zijn daar een onlosmakelijk onderdeel van.

Lijn in idealen

Het beste voorbeeld van een plan waarin het groene ideaal in alle lagen is uitgewerkt/ontworpen is het integrale stedenbouwkundige ontwerp van het Algemeen Uitbreidingsplan uit 1935 (AUP) Dit plan ging uit van woonwijken in de vorm van Tuinsteden en de realisatie hiervan liep door tot ver in de jaren ’60. Als we AUP horen denken we allemaal aan Nieuw-West en het leidende thema ‘licht, lucht en ruimte’. Maar het AUP gaat ook over bijvoorbeeld Amsterdam Noord, waar het allereerste volkstuincomplex Tuinwijck (1909) kwam, en het AUP-thema is overduidelijk te koppelen aan de (ideologie van de) volkstuincomplexen. Het contact met de natuur, beweging, gezondheid, ontwikkeling en geluk werd veel belangrijker geacht dan het voorzien in voedsel. Vanzelfsprekend werd dat tijdens de Tweede Wereldoorlog losgelaten, de vraag naar grond puur om voedsel te verbouwen steeg enorm en in de tuinen werden vooral aardappels gepoot. Maar de pracht keerde weder en het 30-jarig jubileum van de Bond in 1947 werd gevierd met bloemententoonstellingen.

Keepin’ it green

Siergewassen, creatieve uitspattingen of ‘traditionele’ moestuinen, de veelheid aan invullingen is onverminderd groot. Een andere rode (of groene) draad vormt het feit dat alle rangen en standen vertegenwoordigd zijn. Allerlei Amsterdammers, arbeider of ‘nouveaux-bourgeois’, tuinieren. Het gevecht om ruimte in de groeiende stad is van alle tijden. De complexen zijn nog steeds een beetje eigen werelden, hoewel het beleid voorziet in modernisering van de volkstuinparken en de doelstelling is om ze écht open te stellen voor alle natuurgenieters en passanten.

Maar bovenal: de volkstuincomplexen maken nog altijd deel uit van Amsterdam. Ze zijn een onlosmakelijk onderdeel van de stedenbouwkundige structuur en -misschien nu meer dan ooit- van onmisbare waarde in de verdichtende stad van de 21e eeuw.

Erfgoed van de Week

In de rubriek Erfgoed van de Week staat elke week een bijzondere archeologische vondst, vindplaats, voorwerp, monumentaal gebouw of historische plek in de stad centraal. Via de webpagina amsterdam.nl/erfgoed, Twitter @erfgoed020 en Facebook Monumenten en Archeologie delen de erfgoedexperts van Monumenten en Archeologie het erfgoed van de stad met Amsterdammers én overige geïnteresseerden.