AMSTERDAM - De vraag op de woningmarkt breidt zich nadrukkelijk steeds verder als een olievlek uit. De druk op gemeenten rondom de grote steden neemt daarmee steeds verder toe.

Zo staan de gemeenten Amsterdam, Amstelveen, Haarlem, Weesp en Hilversum in de top-40 meest populaire gemeenten van Nederland. Het aantal woningtransacties in Nederland steeg in het afgelopen jaar met 13%, tot een historisch aantal van 241.830 woningen. Ook de gemiddelde koopsom nam met 8% toe van €244.000 tot €263.000. Maar er zijn ook al plekken in Nederland waar het aantal transacties – als gevolg van sterk oplopende prijzen – afneemt door het gebrek aan woningaanbod. Dit geldt het sterkst voor ‘hotspots' zoals Amsterdam, Haarlem en Bloemendaal. Dat laat de Hittekaart 2018 zien van Bouwfonds Property Development (BPD), die de sterke en zwakke gebieden op de woningmarkt jaarlijks in kaart brengt.

De top-3 van populaire gemeenten blijft dit jaar ongewijzigd: 1. Amsterdam, 2. Utrecht, 3. Den Haag. De totale lijst van top-40 meest populaire gemeenten van Nederland kent een aantal topscoorders, sterke stijgers en dalers.

  • Regionale topscoorders zijn: Amsterdam, Amstelveen, Diemen, Haarlem, Haarlemmermeer, Zaanstad, Weesp, Blaricum, Hilversum, Gooise meren, Stichtse Vecht.
  • Sterkste regionale stijgers zijn: Weesp, Wijdemeren, Stede Broec.
  • Diepste regionale dalers zijn: Oostzaan, Castricum, Oudewater.


De Hittekaart 2018 laat zien dat de druk op de woningmarkt weer verder is toegenomen ten opzichte van recordjaar 2017. In tegenstelling tot vorig jaar, kleuren kleinere plaatsen rondom grote steden nu donkerrood. Dit geldt voor bijvoorbeeld de stadsregio Arnhem en de Brabantse stedenrij. Daarentegen neemt de druk iets af bij wat meer ‘geïsoleerde' steden zoals Groningen, Enschede en Maastricht. Grensgemeenten die Nederland verbinden met het buitenland (Roosendaal, Enschede, Venlo en Roermond) scoren ook hoog op de hittekaart. De rol van de aanwezigheid van goede infrastructuur is van oudsher bepalend voor de meerwaarde van een woonregio: en ook worden alle kansrijke gemeenten verbonden door belangrijke verkeersaders.

Desirée Uitzetter, directeur Gebiedsontwikkeling bij BPD, licht de resultaten toe: "Het staat onomstotelijk vast; de druk op de grote steden is zo hoog dat dit zich in rap tempo als een olievlek uitbreidt naar aangrenzende gemeenten. De Randstad breidt zich uit.
In een aantal steden kookt het aanbod zelfs droog, zowel in de bestaande voorraad als in de nieuwbouw. Het aantal transacties loopt voor het eerst sinds jaren terug. Dit is zorgelijk vooral voor woningzoekenden, we zien namelijk dat de prijsplafonds bereikt zijn in de gebieden met de hoogste druk. Dat geeft aan dat het echt 5 voor 12 is geweest.
Het is hoog tijd dat de betrokken partijen – overheid, woningcorporaties, beleggers, bouwers en gebiedsontwikkelaars – gezamenlijk investeren in zorgvuldige ingrepen die de druk snel en adequaat verlichten. Want de huidige druk maakt, samen met de aanhoudende huishoudensgroei en een migratieoverschot – mede veroorzaakt door de aantrekkende kenniseconomie - dat er de komende jaren nog volop woningen moeten worden toegevoegd aan de groeiende regio's. Vanzelfsprekend spelen leefbaarheid, duurzaamheid en mobiliteit daarin een hoofdrol. We moeten er gezamenlijk voor zorgen dat wonen voor iedereen betaalbaar en beschikbaar blijft."

Over het onderzoek

In dit jaarlijkse terugkerende onderzoek brengt BPD op basis van diverse factoren de sterke en zwakke gebieden op de woningmarkt in kaart. Een hoge score op de Hittekaart kenmerkt zich door hoge prijzen en of veel huizenverkopen, maar ook een sterke (verwachte) huishoudensgroei.

Het marktvolume in de bestaande markt wordt berekend door het aantal koopwoningtransacties te vermenigvuldigen met de gemiddelde koopprijs. Om te voorkomen dat de omvang van een gemeente te zwaar telt, wordt er gecorrigeerd door het marktvolume te delen door de voorraad koopwoningen. Dit leidt tot de gemiddelde omzet per aanwezige koopwoning. Het Kadaster is de bron voor de prijzen en het aantal transacties. Het CBS registreert de omvang van de woningvoorraad. Het onderzoek wordt uitgevoerd op gemeenteniveau. De meting dateert van 2017, het meest actuele en volledige jaar van woningtransacties.