AMSTERDAM - Marten Bos (60) hoorde op een woensdagmiddag in november dat hij verkozen is tot ambassadeur van de Verdraagzaamheid. Grote namen als Ahmed Aboutaleb en Nasrdin Dchar liet hij achter zich. Bos is initiatiefnemer van Alle Kleuren Oost en strijdt al meer dan 35 jaar voor verdraagzaamheid tussen groepen mensen: lhbt-ers, hetero’s, mensen van Marokkaanse origine, vluchtelingen, drugsverslaafden, om er een paar te noemen. 

Met Alle Kleuren Oost begon hij een jaar of vijf geleden. “Ik wist op 4 mei niet zo goed wat ik moest doen. Naar de herdenking bij het Homomonument of die op de Dam gaan? Ik had er geen zin in. Ik wilde iets in mijn eigen buurt doen. Zo is het begonnen. We staan stil bij oorlog en vieren onze vrijheid nu jaarlijks met elkaar in de Indische Buurt. Ook tijdens de Gay Pride komen lhbt-ers uit alle gemeenschappen in het stadsdeel samen, om de boodschap van verdraagzaamheid niet enkel in woorden maar in ontmoeting uit te drukken. Het is uitgegroeid tot een enorm netwerk waarin allerlei groepen vertegenwoordigd zijn: Hetero’s, lhbt-ers, mensen van Marokkaanse, Antilliaanse, Afrikaanse, Zuid-Amerikaanse en andere komaf.”

Enorme achterban

De boomlange Fries die zich met hart en ziel inzet voor een verdraagzamer wereld, is nuchter en bedachtzaam. Een man die niet graag op de voorgrond treedt. Maar met zijn verkiezing tot ambassadeur is hij ‘echt heel blij’, hoewel hij het succes ook meteen relativeert. “Ik heb blijkbaar een enorme achterban bij verschillende groepen. Die zijn aan het lobbyen geslagen en hebben allemaal op mij gestemd”. Stadsdeelbestuurder Thijs Reuten stuurde hem meteen een felicitatie. Bos grapt dat hij hem maar eens een bezoekje gaat brengen. “Bij het ambassadeursschap hoort toch ook een ambassadeurswoning?”

Vreemde eend

Als jongste van een groot gereformeerd gezin uit Friesland heeft hij zich altijd een vreemde eend in de bijt gevoeld. “Ik was het kind dat eigenlijk niet geboren moest worden. Mijn moeder had er na acht kinderen geen zin meer in.” Hij was de observator en degene die zich voortdurend voegde en aanpaste. Een bemiddelaar ook. Na de sociale academie ging hij politicologie studeren in Amsterdam. Hij wist al dat hij geen politicoloog of journalist wilde worden en aan statistiek had hij een broertje dood. Bovendien strandde de relatie met zijn vriendin. Bos was kortom zoekende. Hij hing zijn studie aan de wilgen en besloot vrijwilligerswerk te gaan doen, Nederlandse les geven aan Marokkaanse gastarbeiders.

Thuis

“Ik kwam terecht in een warm bad”, zegt hij. Hij werd door de gemeenschap omarmd en voelde zich voor het eerst ergens thuis. In die tijd zette hij ook zijn eerste schreden op het pad van de ‘herenliefde’. “Dat is binnen de Marokkaanse gemeenschap waarin ik verkeerde nooit een issue geweest. Sterker nog, ik werd verdedigd als iemand er een punt van probeerde te maken.” Toen Bos aan de slag ging als hulpverlener bij een begeleidwonenproject voor Marokkaanse jongeren, wist hij: ‘Dit is mijn bestemming’. Er volgde een rijke carrière als hulpverlener, trainer en coach. Daarnaast bleef hij als vrijwilliger actief. Altijd voor minderheden.

Zoveel gezien

Bos: “Ik heb zóveel gezien in de wereld.” Pas de laatste tien jaar maakt hij verre reizen, het meest zag hij in zijn eigen omgeving met alle soorten en maten mensen die hij tegenkomt. Hij snapt als geen ander het gevoel van boosheid van mensen met een niet-witte huidskleur. Dat zij anders behandeld worden en nog geregeld als minderwaardig worden gezien, maakt hij van dichtbij mee. Hij heeft moeite met homo’s in zijn omgeving die met de beschuldigende vinger naar ‘de Marokkanen’ wijzen als het gaat om toenemende intolerantie tegen homoseksuelen. “Ze denken dat de jonge jongens die hen lastig vallen, representatief zijn voor de hele Marokkaanse gemeenschap. Ik kan uit eigen ervaring zeggen dat dat niet zo is. Die jongens zijn, net zoals andere jongens van die leeftijd, heel erg bezig met hun eigen identiteit en mannelijkheid en hebben moeite met mannen die zich in hun ogen vrouwelijk gedragen. Ze voelen de groepsdruk om zich groot te maken en zich daartegen te verzetten.”

Meer identiteiten

Bos maakte homoseksualiteit bij deze jongeren bespreekbaar via een zelfbedachte methode: een kaartspel, waarvan inmiddels al zo’n 200 sets zijn verkocht in heel Nederland. “De kern van het spel is dat iedereen meer identiteiten heeft. Niemand is alleen maar homo, hetero, religieus of heeft een Marokkaanse achtergrond. Behalve dat ene verschil, zijn er andere delen van je identiteit waarin je elkaar wel kunt vinden.”

Inmiddels traint hij de trainers. Maar nog altijd staat hij middenin de diverse samenleving. Het hoort bij hem en maakt hem tot wie hij is. “Ik las een keer een bericht op Facebook van iemand die vond dat ik makkelijk praten had vanuit de grachtengordel. Dat raakte me enorm.” Voor het eerst laat hij zijn bedachtzaamheid varen: “Als er íemand is die met z’n poten in de modder staat, ben ik het.“