AMSTERDAM - Het Openbaar Ministerie (OM) eist in hoger beroep 13 jaar gevangenisstraf voor een 52-jarige man. Het OM verdenkt hem van leiding geven aan een criminele organisatie die drugshandel, witwassen en het plannen en uitvoeren van liquidaties tot doel had.


Volgens het OM bestond de organisatie uit drie onderdelen die verband hielden met elkaar. De miljoenen die werden verdiend met de internationale handel in cocaïne moesten worden witgewassen. Voor personen die de man of anderen in zijn omgeving als vijand beschouwde werden liquidatieplannen gemaakt en uitgevoerd.

De advocaten-generaal (aanklagers namens het OM in hoger beroep) zeggen daar vandaag over op zitting: Met nietsontziende gewetenloosheid werd door verdachte en leden van zijn organisatie gesproken over het liquideren van vijanden. Personen die in de visie van verdachte en zijn mededaders geen recht meer hadden om te leven. Wraak of geld lijkt het achterliggende motief te zijn geweest.”

De verdachte wordt door het OM gezien als degene die de touwtjes in handen had, anderen werkten in opdracht van hem. Als leider onderhield de verdachte contact met grote namen in de onderwereld met wie hij op de verschillende onderdelen ook samenwerkte.

De verdachte werd in oktober 2017 op verzoek van de Nederlandse autoriteiten in Chili aangehouden. In 2018 werd hij uitgeleverd aan Nederland. De rechtbank veroordeelde de verdachte in 2021 tot 11 jaar gevangenisstraf. Daartegen ging de verdachte en het OM in hoger beroep.

Hoger beroep

De hoger beroepszaak stond in 2024 gepland voor een inhoudelijke behandeling maar werd uitgesteld om een nieuwe getuige te horen over de zaak. Het gaat om een criminele connectie met wie de verdachte veel contact had en ook samenwerkte. De man is in Italië spijtoptant geworden en gaan verklaren over zijn eigen daden en die van anderen.

Het OM vindt het in hoger beroep belangrijk dat naast het leiden van een criminele organisatie die zich richt op liquidaties en witwassen, de verdachte ook wordt veroordeeld voor het leiden van een criminele organisatie die zich richtte op grootschalige internationale handel in drugs. Voor dit feit werd de verdachte door de rechtbank vrijgesproken. De nieuwe getuige in Italië verklaart dat de verdachte een criminele organisatie leidde die handelde in cocaïne.

De advocaten-generaal zeggen daarover: De getuige heeft over de verschillende organisaties verklaard dat het aparte organisaties waren: Hij had de zijne, verdachte had ook een eigen organisatie. Ze stonden destijds op hetzelfde niveau, allemaal afhankelijk van elkaar maar ook concurrenten van elkaar. ‘Soms businesspartners en dan scheiden weer onze wegen’. Hij verklaart ook dat de organisatie van verdachte verschillende samenwerkingen aanging, joint ventures met de Colombiaanse kartels.”

De nieuwe verklaringen worden onder andere ondersteund door bewijs gevonden in ontsleutelde PGP-berichten waarmee onder andere de verdachte en de getuige communiceerden. Ook over deze berichten heeft de getuige aanvullend verklaard en verduidelijkt wie welk account gebruikte en wat de betekenis is van woorden en termen in de chats.

De advocaten-generaal benadrukten tijdens de zitting de grote ondermijnende impact van deze zaak: Leiders van dit soort organisaties zijn net als CEO’s van grote bedrijven. Het belang van de organisatie staat voorop, samenwerking vindt plaats als dat in het belang van de organisatie is en zo niet, dan worden organisaties concurrenten en concurrenten bestrijdt je. Verdachte en zijn medeverdachten in de criminele organisatie gaan echter wel de rode lijn over door concurrenten daadwerkelijk uit te schakelen of uit te willen schakelen. De achteloosheid waarmee over moorden werd gesproken, het gemak waarmee van het ene op het andere slachtoffer werd overgestapt en het enthousiasme waarmee gereageerd werd als een liquidatie was gelukt, zijn uitermate schokkend.”

De strafeis van 13 jaar gevangenisstraf vindt het OM daarbij passend. Er is bij de strafeis rekening gehouden met de vertraging die de zaak opliep in hoger beroep.