AMSTERDAM - Een 24-jarige man is veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf omdat hij met voorbedachten rade zijn 65-jarige vader doodstak op 29 maart 2024 in Amsterdam-Zuidoost. De rechtbank acht de man verminderd toerekeningsvatbaar.


Het slachtoffer werd op 30 maart 2024 dood aangetroffen in de slaapkamer van zijn woning in Amsterdam-Zuidoost. Het glas van de achterdeur was ingegooid met een stoeptegel. Na een uitgebreid politieonderzoek houdt de politie ruim twee maanden later de destijds 21-jarige zoon van het slachtoffer aan. Uit forensisch onderzoek blijkt dat het slachtoffer 23 steekwonden heeft, voornamelijk aan de achterkant van zijn lichaam. De zoon heeft bekend dat hij zijn vader in de nacht van 28 op 29 maart 2024 stak met een mes, maar ontkende dat hij dit vooraf had gepland.

Opzettelijk en met voorbedachten rade

Volgens de rechtbank heeft de man, door zijn vader zo vaak in de rug te steken, hem opzettelijk om het leven gebracht. Hij handelde volgens de rechtbank niet in een opwelling maar had een vooropgezet plan om zijn vader te doden. De man is na een urenlange wandeling midden in de nacht naar zijn vader gegaan. Hij had tijdens die wandeling ruim de tijd om zich te beraden en na te denken over de gevolgen van zijn voorgenomen daad. Daarnaast was hij nog een tijdje bij de achterdeur van de woning en is hij weggelopen om een sigaret te roken. Hierna besloot hij toch om zijn plan uit te voeren.

De rechtbank veroordeelt de man ook voor een gewelddadige overval op een tankstation in Diemen op 9 oktober 2020.

Aanvullend psychisch onderzoek

Omdat deskundigen van het Pieter Baan Centrum belangrijke vragen over zijn psychische gesteldheid niet konden beantwoorden, deden deskundigen van het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie (NIFP) aanvullend onderzoek. Daaruit komt het beeld van een getroebleerde jongeman die zich tijdens zijn jonge jaren moeilijk kon ontplooien als gevolg van vele wisselingen in zijn verblijfplaats en emotioneel belastende ervaringen. De NIFP-deskundigen concluderen dat hij een psychotrauma- of stressor-gerelateerde stoornis en een stoornis in het gebruik van cannabis had toen hij zijn vader doodstak. Ook was er sprake van een bedreigde persoonlijkheidsontwikkeling met vermijdende en antisociale trekken.

Straf

Gelet op de ernst van het feit is alleen een langdurige onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend. De rechtbank stelt op basis van de conclusies van het psychiatrisch onderzoek vast dat de feiten in verminderde mate aan de man kunnen worden toegerekend. De moord op zijn vader kan niet los worden gezien van zijn problematiek. De man stelt in het verleden door zijn vader seksueel te zijn misbruikt, de rechtbank kan dit op basis van dit strafdossier niet uitsluiten, maar evenmin als vaststaand aannemen.

Omdat de rechtbank de man verminderd toerekeningsvatbaar acht, legt ze een lagere straf op dan dat de officier van justitie had geëist. Omdat het strafproces langer duurde door alle onderzoeken is de redelijke termijn overschreden. De rechtbank legt daarom 3 maanden gevangenisstraf minder op dan dat zij anders had gedaan. De rechtbank komt daarmee op een gevangenisstraf van 10 jaar. Daarnaast moet hij zijn halfzus en halfbroer een schadevergoeding van in totaal ruim 40.000 euro betalen.